Direct naar content

Werkdruk te lijf

Joni Heijboer is adjunct-directeur van Focus Beroepsacademie in Barendrecht (brede VMBO; 700 leerlingen). Negentien jaar is ze inmiddels werkzaam in het onderwijs. Joni was tien jaar docent Nederlands in het voortgezet onderwijs. Sinds negen jaar is ze werkzaam als afdelingsleider en  later als adjunct. Joni geeft leiding aan 50 mensen en is eindverantwoordelijk voor de portefeuilles onderwijs, scholing, PR en kwaliteitszorg. Joni heeft een gezin met 2 kinderen in de leeftijd van 8 en 9.


1. Wat is voor jou werkdruk?
“Op het moment dat Ik mijn werkzaamheden niet meer gepland krijg, ga ik werkdruk ervaren. Ik plan mijn werk goed en zorgvuldig, zodat ik weet wanneer ik aan bepaalde zaken kan werken. Het juist inplannen betekent dat het ‘uit mijn hoofd’ kan en ik me op dat moment kan richten op andere zaken. Er ontstaat voor mij ook werkdruk wanneer andere mensen onzorgvuldig omgaan met mijn tijd of met mijn planning.”

2. Wat merk je als je werkdruk ervaart?
“Als ik het te druk heb, word ik onrustig. Dan voel ik dat ik niets meer met rust kan bekijken of beluisteren, omdat ik gejaagd ben. Dat merk ik niet alleen tijdens mijn werk, maar ook in mijn privéleven. Op zulke momenten ben ik niet goed meer aangesloten met thuis.”

3. Heb jij last van werkdruk?
“Mijn agenda is heel vol, maar ik ervaar dat over het algemeen niet als werkdruk of als te druk.  Ik houd wel van lekker bezig zijn, schakelen en veel produceren.”

4. Hoe pak jij je werk aan waardoor je geen last van druk ervaart?
“Door met een ‘to-do-lijst’ te werken hoeft alles wat ik nog moet doen niet in mijn hoofd te blijven zitten. Dat geeft mentale rust. Op mijn ‘to-do-lijst’ geef ik wel een prioritering aan. Niet alles op de lijst hoeft namelijk NU of METEEN. Ik ben tevreden als ik de dingen heb gedaan die wel vandaag moesten.”

“Het behandelen van de mail is voor niet ‘het echte werken’. Ik kies ervoor om ’s avonds en in het weekend mijn mail bij te houden en daarbij direct hoofd- en bijzaken te scheiden. Ik lees de mail dus wel, maar ik geef de zaken waar ik op maandag echt iets mee moet een vlaggetje.  De rest gaat meteen weg. Je start dan ‘s ochtends niet eerst met een berg mail, waar uiteindelijk maar enkele mails die werkelijk iets van actie van je verlangen.” 

“In drukke periodes heb ik voor mezelf de regel dat ik stop met werken aan het eind van de dag. De eindtijd varieert dan. Als ik weet dat niemand (docenten, ouders, mede-directieleden, de leerlingen of OOP’ers) de andere dag schade oploopt door dingen die ik niet gedaan zou hebben, stop ik.  Al het andere kan dan nog even blijven liggen.” 

“In mijn drukke agenda plan ik per dag een ‘blok’. Op die momenten kan ik een stukje uitloop opvangen van andere afspraken/ werkzaamheden, zaken verwerken, voortkomend uit eerdere afspraken die dag of bepaalde klussen die ik gepland heb vanuit mijn to-do-lijst uitwerken.” 
“Zodra ik voel dat ik niet toe kom aan bepaalde zaken, ga ik eerst in mijn agenda de ruimtes blokken en die blokken ook echt die naam van die bepaalde taak geven. Het geeft mij rust om te weten dat ik het ergens kan doen.”

5. Welke werktijden hanteer jij?
Mijn luxe is dat ik om 9.00 uur kan starten. Eerst breng ik mijn kinderen naar hun basisschool en dan rijd ik door naar mijn werk. Zelf plan ik mijn eerste afspraken pas op zijn vroegst in vanaf 09.15. Andere mensen kunnen wel vanaf 9.00 uur inplannen. Gewoonlijk werk ik tot 18.00-18.30 uur door. Doordat ik dicht bij mijn werk woon, ben ik nog redelijk op tijd thuis. ’s Avonds werk ik altijd nog, maar dat ‘werk’ bestaat dan eigenlijk alleen nog uit mail bijhouden en wat achterstallige mail wegwerken of bepaalde stukken lezen/ uitwerken.  


6. Hoe ga jij om met verplichtingen in jouw werk?
“Dat ligt een beetje aan het type verplichtingen. Jarenlang heb ik me erg veel bezig gehouden met externe partijen. Dat was omdat ik verantwoordelijk was voor de nieuwbouw van onze school. We hadden ook als ‘opdracht’ gekregen om het bedrijfsleven onze school in te halen. Daardoor was ik veel te vinden op netwerk-achtige bijeenkomsten. Die trend hebben we een beetje teruggedraaid en we zijn even wat meer naar binnen gericht. Dat vind ik enerzijds erg jammer, maar anderzijds scheelt het wel weer tijd.

Als schoolleider heb je  een boel verplichtingen die je bewust bent aangegaan, maar je bent ook verantwoordelijk voor het stellen van je grenzen. Je hebt balans nodig in je leven en je werk om de dingen goed te blijven doen. Sommige zaken zijn gewoon inherent aan de baan. Daar moet je dan ook niet over zeuren! Als schoolleider heb je meer avondactiviteiten. Zo is dat nu eenmaal. Dus als je steeds tegen jezelf blijft zeggen dat dat vervelend is, ervaar je het ook als vervelend.”

7. Heb je tips voor collega’s?
“Wellicht kunnen collega’s iets met bovenstaande tips. Verder denk ik dat je eigen ‘state of mind’ erg belangrijk is. Door te roepen dat je het heel druk hebt, wordt de kwaliteit van je werk niet beter! Iets anders is dat je je grens aangeeft. Je moet de juiste balans vinden tussen ‘nee’ zeggen en ‘ja’ zeggen tegen bepaalde klussen.”

Workshops over werkdruk op NOT
Onze adviseurs Ageeth Nijboer en Ton Bruining verzorgen tijdens de NOT Academy op 24 januari en op 26 januari van 10.30 uur tot 11.15 uur de workshop 'Werkdruk(temakers)'. U kunt zich hiervoor gratis aanmelden op de website van de NOT.

Delen