Direct naar content

Werkdruk? Wat is dat?

Thalassa VeenIn aanloop naar hun workshops tijdens de NOT 2017 over werkdruk in het onderwijs gaan Ton Bruining en Ageeth Nijboer met docenten in gesprek over dit thema. Het eerste interview vond plaats met een docent zónder werkdruk: Thalassa Veen. Ze is docent, studieloopbaanbegeleider en ambassadeur van de BVMBO. 7 vragen legden we aan haar voor.

 

1. Wat is voor jou werkdruk?
“Als ik last van werkdruk zou hebben dan voel ik druk op mijzelf, waardoor werken vervelend wordt en moeilijk te overzien. Zelf ervaar ik geen werkdruk: ik hou van uitdagingen, een beetje druk past daar voor mij wel bij en zo bekeken is werkdruk niet negatief.
Werkdruk voorkom je door jezelf bewust te zijn van wat er moet gebeuren, daar actief mee bezig te zijn en genoeg momenten te creëren om jezelf op te laden. Zo hou je ruimte in je hoofd. Delegeren helpt ook, net als hoofd- en bijzaken scheiden: wat kan nu en wat kan later, zo behoud je een rustig gevoel. Het zit in mijn karakter hoor, maar ik verveel mij eerder dan dat ik werkdruk ervaar.”

2. Wat merk je als je werkdruk ervaart?
“Als ik al werkdruk ervaar dan betekent dat dat de emmer vol is: Er kan niets meer bij en er is geen ruimte in mijzelf om kaders te verkennen of te experimenten. Door gebrek aan ruimte ga je informatie mislopen, je raakt steeds meer geïsoleerd en werkt vanaf je eigen eiland  De focus gaat naar het negatieve en mensen verzanden daarin door zichzelf vast te denken, vast in taal en vast in gevoel.” 

3. Heb jij last van werkdruk?
“Daar heb ik geen last van. Balans zoeken blijft een aandachtspunt, maar dan met name in combi werk-gezin. De regelzaken om thuis zaken op orde en goed geregeld te hebben. En leren dat niet alles altijd 100% lukt, kan of hoeft, dat is voor mij wel een proces geweest.”

4. Hoe pak jij je werk aan waardoor je geen last van druk ervaart?
“Vooral samen met studenten. Ik bekijk de leerdoelen vanuit de klas en vul samen met hen de doelen in door te vragen: wat heb je nodig om gemotiveerd te blijven? De studenten benoemen dan eigen leerdoelen inclusief motiverende activiteiten en manier van lesgeven. Ik volg de studenten in hun ontwikkeling en gedrag en houd bij waar de student staat in zij voortgang, ontwikkeling en in de groep.
Heb vooral vertrouwen in jezelf: werk samen met de klas, delegeer waar mogelijk, neem pauzes en maak vooral veel plezier. Zorg dat je de lessen leuk maakt op een manier die bij jou als docent past.”

5. Welke werktijden hanteer jij?
“Mijn werktijden zijn flexibel. Mijn kinderen gaan voor: kinderopvang moet goed geregeld zijn.  Als dat op orde is, start mijn werktijd en dat kan op elk moment van de dag en op elke dag in de week zijn. Ik werk momenteel  0,45 fte.” 

6. Heb je tips voor collega’s?
“Pak je ruimte en wees flexibel, om dat te kunnen moet je op jezelf vertrouwen. Besef ook: je mag best een fout maken of een keer een minder goede les geven. Gezag zit niet in regels over eten en drinken, maar in het zelfvertrouwen dat je uitstraalt en in de verbinding met je klas. Vraag ook eens aan collega’s hoe zij met bepaalde dilemma’s omgaan, ga het gesprek aan over onderwijs. Bouw aan relatie en sfeer. Doe meer samen, maar durf ook meer alleen! Denk je eens in: wat levert het mij op om steeds “werkdruk” te blijven roepen en ervaren? Wat zou er gebeuren als je het idee van werkdruk loslaat? Welke ruimte krijg je daarvoor terug?”

7. Hoe ga jij om met verplichtingen in jouw werk?
“Met sommige verplichte taken heb ik minder affiniteit of ik ben daar minder goed in. Ik laat mij helpen door de mensen die daar dan wel goed in zijn, bijv. rondom  ICT-zaken of de aanwezigheidsregistratie. Wat ik echt niet leuk vind doe ik samen met iemand. Dat werkt. Werk vanuit je eigen kracht en laat dat wat een ander goed kan door een ander doen. Laat dus ook door de student doen wat hij zelf kan doen.
Stel je iets zakelijker op in het geheel: probeer niet steeds de regels om te buigen, accepteer ze zoals ze zijn. Ken de kaders en weet waar je wel invloed op hebt: durf te vragen en informeer jezelf, ook aan CvB, management, etc.
Een docent die voortdurend reflecteert op eigen handelen en proactief handelt, dus de kaders zelf kent bijvoorbeeld, snapt waarom je moet doen wat je doet.

“En vooral: (dat leer ik ook studenten die hun stage bijvoorbeeld saai vinden of op school hun draai niet kunnen vinden) Creëer je eigen uitdaging! Zorg dat je iets hebt en houdt dat energie geeft. Als nieuwe ambassadeur BVMBO Noorderpoort, kan ik nu kwaliteiten kwijt en mijn extravertheid inzetten. Hierdoor ben ik nog meer mijzelf en ben ik echt gelukkiger geworden op mijn werk. Zorg dat wie je bent echt tot zijn recht komt, dat is waar het om gaat. Sta open om te leren: dat is de basis.”

U kunt zich hier aanmelden voor gratis deelname aan de workshops over werkdruk Deze vinden plaats tijdens de NOT Academy op 24 januari en op 26 januari van 10.30 uur tot 11.15 uur.

Delen