Analyseren van toetsresultaten in het PO

11 januari 2017

“Om op een goede manier met data om te gaan zijn specifieke vaardigheden nodig. De belangrijkste daarvan is:  afstand nemen. Hoe ga ik zo objectief mogelijk om met de data?” Hans Boudestein ondersteunt scholen bij de analyse en interpretatie van toetsresultaten. Met zijn ervaring en expertise helpt hij bestuurders, directies, intern begeleiders en leerkrachten de juiste vragen te stellen en antwoorden te vinden.

Hans Boudestein: “Toetsresultaten zeggen iets over de individuele ontwikkeling van de leerlingen, maar meer nog zijn toetsen ook bedoeld om je als school te spiegelen en je resultaten te kunnen verbeteren.  Verzamelen van data is alleen zinvol wanneer het gekoppeld wordt aan besluiten over lesgeven en leren. Met de toetsresultaten kunnen teams reflecteren op hun handelen en daaruit conclusies trekken voor de verbeteringen van het onderwijs dat ze geven.”

Wat is nodig om van data echte informatie te maken waarmee je als leerkracht, team en school iets kunt?
“Om op een goede manier met data om te gaan zijn specifieke vaardigheden nodig. De belangrijkste daarvan is:  afstand nemen. Hoe ga ik zo objectief mogelijk om met de data? Wat hierbij helpt is het uitgaan van een onderzoeksvraag. Er komen twee keer per jaar in korte tijd heel veel “cijfertjes” ter beschikking en de kunst is om niet te verdwalen in deze brij van getallen. Vergelijk het met de eerste keer dat je in een wereldstad komt: je wilt in drie dagen alle “highlights” zien en je merkt dan op de terugreis dat je alles half of de helft niet gezien heb. Maak een keuze en richt je specifiek op het beantwoorden van de vraag die bij die keuze hoort. Daarnaast is essentieel dat het gebruik van data staat in het teken van leren en onderzoeken. Data zijn niet bedoeld om af te rekenen. Voorwaarde is dus een professionele cultuur die gefaciliteerd wordt in tijd en ruimte.”

Wat vinden basisscholen vaak lastig bij het analyseren van toetsresultaten?
“Wat ze vaak bezighoudt is: hoe stel ik de juiste vraag? Verder horen wij vaak: ‘we zijn doeners en in mindere mate denkers’. Ook is er tijdsdruk: de toetsgegevens komen vrij maar intussen gaat de groep verder. Tijd om rustig naar de cijfers te kijken ontbreekt. En er onder ligt ook een ontbreken van “datageletterdheid”: het omgaan en lezen van cijfers is een aparte vaardigheid. In de onderwijscultuur zien we ook nog vaak een weerstand tegen cijfers: een kind is toch meer dan cijfers alleen.”

Wat is de meerwaarde van werken met data voor de schoolorganisatie?
“Een goed gebruik van data is de basis voor doordachte beslissingen om het onderwijs te verbeteren. Een grondige analyse van de data door het team kan ervoor zorgen dat initiatieven om het onderwijs te verbeteren een goede basis hebben. De discussie binnen het team over wat de data zeggen is essentieel voor het verbeteren van het onderwijs. Daar moet dus tijd voor vrij gemaakt worden: ga eens  met elkaar om de tafel zitten en kijk naar en bediscussieer de data.”

Wat zijn jouw tips voor scholen die de komende tijd met de toetsen te maken krijgen?

“Mijn tips zijn:

  • Omgaan met data is iets wat het hele team aangaat en vraagt dus om een open en professionele cultuur: niet (be)oordelen, maar onderzoeken en leren van en met elkaar.
  • Neem de tijd: zorg voor bijvoorbeeld. een halfjaarlijkse studiedag waarop data centraal staan. Op die dag presenteren teamleden hun analyses en wordt er gediscussieerd over de data met als doel samen te komen tot onderbouwde keuzes in het verbeteren van het onderwijs.
  • Maar ook: in de beperking toont zich de meester! Je kan alles willen analyseren tot op het laagste niveau. Maak keuzes en ga uit van een goede vraag: wat willen we echt weten.
  • Werk aan datageletterdheid: basiskennis over bijvoorbeeld  vaardigheidsscores, normeringen, niveaus en toetsconstructie is van belang om toetsresultaten te kunnen interpreteren.”

 

Je ondersteunt tal van scholen. Wat valt er jou op in de manier waarop scholen met toetsen omgaan?
“Scholen hebben zich de laatste jaren sterk ontwikkeld in het gebruik van data en over het algemeen ziet men het belang van data voor verbetering van het onderwijs in. Het geluid van ‘we doen het toch alleen maar voor de inspectie’  is geleidelijk aan het verdwijnen. Wel zien we nog vaak een weerstand tegen het werken met cijfers. Dit komt ook doordat veel leerkrachten maar twee keer per jaar echt in de cijfers duiken. Het leggen van ‘dat wat de data laten zien’ naast het eigen professionele beeld van de leerkracht is nog niet overal ingeburgerd. Data moeten helpen bij het maken van keuzes; data zijn niet alles bepalend. Uiteindelijk is werken met mensen mensenwerk. Als alles meetbaar wordt, wordt het onmeetbare onmetelijk belangrijk.”

 

Mis geen update, meld u aan voor onze nieuwsbrief

Inschrijven Nieuwsbrief

Geïnteresseerd?

Neem dan contact op met:

Drs. Hans Boudestein
Adviseur
06-13276814

E-mail Hans