Belang van 10-14 onderwijs reikt verder

8 april 2019

Vrijdag 5 april kwamen op initiatief van KPC Groep in Utrecht ruim dertig onderwijsmensen bijeen in de Social Impact Factory. Wat de leraren, schoolleiders en bestuurders met elkaar gemeen hadden? Een flinke dosis interesse in de ontwikkeling van 10-14 onderwijs. Aan het eind van de oriëntatiedag bleek dat de deelnemers niet alleen in 10-14 onderwijs geïnteresseerd zijn maar onderkennen dat er meer op het spel staat.

De 10-14 oriëntatiedag werd begeleid door drie aan KPC Groep verbonden adviseurs: dagvoorzitter Femke van Kronenburg en de 10-14 experts Pieter Snel en Ton Bruining. Femke van Kronenburg ging in op de urgentie die besturen en scholen ervaren om onderwijs anders te organiseren. De huidige maatschappelijke ontwikkelingen zorgen voor kritische vragen ten aanzien van de organisatie en invulling van ons onderwijs. Steeds meer scholen denken na om hun onderwijs anders te organiseren.

Van Kronenburg: “Het gevolg van denken in onderwijsrendementen - het opbrengstgericht onderwijs -  heeft gezorgd voor een te grote nadruk op selectie en te weinig kansen om door te stromen. Scholen worden afgerekend op zittenblijvers en afstroom naar lager niveau. Als reactie ontstaan steeds vaker categoraal georganiseerde scholen. Om kansen te bevorderen voor alle leerlingen is het nodig om het eenzijdige opbrengstgerichte ‘denkframe’ te vervangen: aandacht voor kwalificatie, socialisatie en subjectificatie of persoonsvorming. Bovendien ligt er een opdracht tot inclusief onderwijs.”

Regeerakkoord

In het regeerakkoord is afgesproken dat het zogeheten 10-14 onderwijs meer ruimte krijgt. Momenteel loopt er een pilot met twaalf tienerscholen. Op basis van onderzoek worden de voors en tegens van deze onderwijsvorm in kaart te brengen. Een belangrijk doel van 10-14 onderwijs is uitstel van de vroege selectie. Het uitstellen van keuze kan o.a. gelijke kansen bevorderen en meer ruimte geven talenten te ontplooien. Te veel kinderen stromen lager in dan op grond van hun capaciteiten verwacht mag worden. Vroeg selectie blijkt met name nadelig voor achterstandsleerlingen, kinderen met lagere sociale en economische achtergrond en laatbloeiers.

Praktijkvoorbeelden

Tijdens de bijeenkomst van 5 april liet onderwijsinnovator Pieter Snel de deelnemers kennis maken met een viertal tienerscholen: Tiener College Gorinchem, Spring High Amsterdam, Onderwijsroute 10-14 Zwolle en Tienercollege Noordoostpolder Emmeloord. 10-14 onderwijs is geen eenheidsworst. De vorm waarin het 10-14 onderwijs is georganiseerd verschilt en past bij de context en vraagstukken van de bij de pilots betrokken scholen.

Een pionier op het gebied van 10-14 onderwijs is het Tienercollege in Gorinchem. Pieter Snel is vanaf de start van het College in 2012 betrokken bij de organisatie en vormgeving van dit onderwijs. Thema’s die in zijn workshop aan bod kwamen waren o.m.:  leren aan de hand van een persoonlijk leerplan, eigen leerroute en of een digitaal portfolio; werken met rubrics/ kinddoelen; werken met kernconcepten; formatief toetsen; analyse van rendementen; eindtermen en doorlopende leerlijnen. 

10-14: aanbevelingen

In zijn bijdrage presenteerde Snel aanbevelingen. De top-5 hiervan:

  1. Gooi niet alles van het oude weg
  2. Zorg dat docenten 10-14 vak- of leergebiedspecialist kunnen zijn
  3. Faciliteer teamvorming
  4. Zorg voor externe oriëntatie en sluit aan bij leernetwerken binnen en buiten het bestuur
  5. Monitor consequent de schoolloopbaan van de leerlingen

 

Organiseren van samenwerking

Ton Bruining belichtte in zijn workshop het belang van de betrokkenheid van alle belanghebbenden en het tot stand brengen van een doelgerichte organisatie. Bij de betrokkenheid van alle belanghebbenden gaat het om ouders, leraren, directeuren, bestuurders, intern begeleiders, de aanleverende en afnemende scholen, lerarenopleiders en zeker ook de kinderen. Bruining gaf aan dat je op verschillende manieren kunt samenwerken, zonder daarbij zelf een voorkeur uit te spreken voor één van die vormen.  Bruining: “Je kunt aan een goede doorlopende leerlijn werken zonder de grens tussen basis en voortgezet onderwijs te doorbreken. Dat betekent dat je goed van elkaars visie, kwaliteiten en onderwijsactiviteiten op de hoogte moet zijn. Door steeds slim en met overleg zich ten opzichte van elkaar te positioneren kunnen primair en voortgezet onderwijs ieder in hun eigen wereld leren en professionaliseren.

Het kan ook anders, bijvoorbeeld door op de grens tussen primair en voortgezet onderwijs elkaar op te zoeken en samen te werken in het belang van de persoonswording van kinderen en de keuzes die zij maken, de doorlopende leerlijnen, en de professionalisering van onderwijsmensen. Bij die samenwerking kun je denken aan het ontwikkelen van gezamenlijke instrumenten zoals bijvoorbeeld een ontwikkelingsportfolio en/of gezamenlijke projecten in zowel primair als voortgezet onderwijs. Door het samenwerken aan een gemeenschappelijk instrument – we noemen dat een grensobject - wordt samen geleerd en wordt samen de grens tussen primair onderwijs en voortgezet onderwijs doorbroken. Je kunt natuurlijk ook verder gaan door samen te werken aan de ontwikkeling, realisatie en verduurzaming van een 10-14 school.”

De samenwerking krijgt een andere dimensie wanneer het primair onderwijs en het voortgezet onderwijs hun eigen positie verlaten en kritisch naar het eigen functioneren kijken door in elkaars schoenen te gaan staan. Bruining: “Dat kun je bijvoorbeeld organiseren door een leraar vanuit het primair onderwijs in het voortgezet onderwijs te laten werken en omgekeerd. De leraar uit het voortgezet onderwijs kan dan samen met collega’s uit primair onderwijs onderzoeken waar het onderwijs vakinhoudelijk beter en wellicht ook anders kan. De leraar uit het primair onderwijs kan omgekeerd samen met collega’s uit het voortgezet onderwijs onderzoeken hoe je meer gedifferentieerd kunt werken. Dit kan ook al zonder een 10-14 onderwijsproject. Ook een algehele transformatie is denkbaar. Denk aan de ontwikkeling van een voorziening voor kinderen van 0 tot 18 jaar, waarin verschillende disciplines in nieuwe rollen groeps- en klassendoorbrekend werken en waarvoor inspirerende locaties worden gezocht zoals het voormalig Philips terrein Strijp S in Eindhoven, de RDM campus in Rotterdam of het Mediapark in Hilversum.”

Gesprekstafels

Na de workshops blijkt aan de gesprekstafels dat achter de ambities van leraren, directeuren en bestuurders meer schuilgaat dan het ontwikkelen van een 10-14 school. Ton Bruining: “Het gaat vooral om een bevrijding uit de hokjes van waaruit altijd gewerkt wordt. Werken aan toekomstgericht en duurzaam onderwijs schreeuwt om een bevrijding van de hokjesgeest waarmee het Nederlandse onderwijs behept is. Onder onderwijsmensen zit heel veel talent. Wanneer zij zich weten te bevrijden van de hokjesgeest kan er – eindelijk – onderwijs gemaakt worden dat er beter toe doet. Onderwijs dat beter werkt, meer deugt en meer deugd zal doen.”

Fundamentele discussies

Aan het eind van de middag gingen de deelnemers aan de slag met het zogenaamde business canvas. Een hulpmiddel, oorspronkelijk afkomstig uit het bedrijfsleven, om het primaire proces te doordenken en na te gaan wat er nodig is om nieuwe onderwijsconcepten te realiseren. Het leverde fundamentele discussies op. Bijvoorbeeld: Wie is waarvoor verantwoordelijk in het onderwijs? Welke rol hebben onderwijsprofessionals, ouders en leerlingen bij 10-14 onderwijs? Wie betrek je op welke wijze bij het ontwerpproces? Hoe kunnen gemeentes, culturele organisaties en jeugdzorg ook betrokken worden?

Nieuwe editie van de Oriëntatiedag

Interesse in 10-14 onderwijs? Op 21 juni vindt een nieuwe editie van de Oriëntatiedag 10-14 onderwijs plaats. U kunt zich hier inschrijven.

Tip: tot 31 mei 2019 is de subsidie ‘Doorstroomprogramma’s po-vo voor gelijke kansen' aan te vragen. De subsidie kan worden aangevraagd door een bevoegd gezag van een deelnemende school. Dit bevoegd gezag treedt op als penvoerder en moet worden gemachtigd door alle partnerscholen.

 

21 juni oriëntatiedag 10-14 onderwijs

Oriëntatiedag 10-14 onderwijs 'kansen voor kinderen!

Geïnteresseerd?

Neem dan contact op met:

Dr. Ton Bruining
Adviseur/R&D KPC Groep
06–53221513

E-mail Ton

Geïnteresseerd?

Neem dan contact op met:

Femke van Kronenburg
Adviseur
06-22011791

E-mail Femke