Kwaliteitszorg in tijden van corona

13 februari 2021

Hoe geven scholen in deze coronacrisis inhoud aan kwaliteitszorg? Annemiek Staarman is senior adviseur kwaliteit bij het Voortgezet Onderwijs van Amsterdam (VOvA). Ook ondersteunt ze andere vo-scholen op het gebied van kwaliteitszorg. “Het zicht op kwaliteit moet ook nu goed zijn. Ook in de coronatijd moet je kunnen onderbouwen en verantwoorden wat je doet.”

Vol lof spreekt Annemiek over de inzet en de betrokkenheid van de scholen en docenten, zeker nu in deze coronatijd. “Er is veel geleerd van de eerste lockdown. Er is hierdoor nu veel meer grip. Tussen september en november zijn er plannen gemaakt, anticiperend op een tweede sluiting die er mogelijk aan zat te komen. Hierdoor kon de omslag naar online lesgeven snel gemaakt worden toen de scholen in december opnieuw dichtgingen. Er was een plan B. Docenten weten nu beter hoe ze hun lessen kunnen invullen en hoe ze zicht kunnen houden op hun leerlingen.”

Ook Annemiek werkt vrijwel alleen nog van huis. In haar optiek zijn er vanuit kwaliteitszorg in deze coronatijd twee belangrijke ‘meetlatten.’ 1. Heb je zicht op de ontwikkeling van leerlingen? 2. Is het didactisch handelen goed op orde? 

Waarom juist deze twee?

“Het zijn niet alleen twee sleutelindicatoren van de Inspectie. Voor mij zijn deze twee indicatoren de kern van goed onderwijs en ontzettend belangrijk in deze coronatijd. Hoe krijg je zicht op de ontwikkeling van leerlingen die voor een groot deel van de tijd buiten jouw gezichtsveld zijn en hoe geef je sturing aan de kwaliteit van het didactisch handelen van docenten die afstandsonderwijs moeten verzorgen? Het afstandsonderwijs kan de verschillen in ontwikkeling tussen leerling vergroten.”

“Een aantal van de scholen waar ik voor werk staat in Amsterdam-Noord. Een deel van de leerlingen kan thuis niet goed werken, zo bleek tijdens de eerste lockdown. Het zijn kwetsbare leerlingen Tegelijkertijd was het een voordeel dat we een inkijk kregen in de thuissituatie van de leerlingen. Hoe zit deze leerling erbij? We kregen zo inzicht in de context van de leerling en dat gold ook voor het contact met de ouders. Die werkten ook vaak thuis. Op een bepaalde manier is het zicht door deze coronatijd dus soms verbeterd. Maar ook zagen we dat je sommige leerlingen kwijt kon raken. Ik kan nu stellen dat er echt is geleerd van de eerste lockdown. Docenten kijken meer vanuit persoonlijk contact van waar de leerling staat en hoe hij of zij geholpen kan worden. Mijn indruk is dat er minder getoetst wordt bij deze tweede periode van online onderwijs.”

Onderwijs op afstand liet docenten geen keuze; ze moesten digitaal. Wat is je opgevallen?  

“Deze tijd is echt een test voor ‘de lerende organisatie’ en voor de schoolcultuur. Als je met zijn allen iets nieuws moet doen, dan zie je ook uiteraard verschillende uitwerkingen ontstaan bij het online lesgeven. Sommige docenten vinden het echt lastig en komen moeilijker mee. Dat is overigens niet persé een teken dat je niet lerend wilt zijn. Er kunnen ook andere factoren een rol spelen. De vraag is dan wel: wordt daarover in de school het gesprek gevoerd als nieuwe vaardigheden moeten worden ontwikkeld? Juist in deze tijden is het heel belangrijk dat leraren verantwoording afleggen en dat hun werk inzichtelijk is voor anderen. Ik help scholen hierbij. Het volgen van de PCDA-cyclus is óók in crisistijd belangrijk.”

“Online lesgeven is toch anders. Het is belangrijk dat hierover op school in alle openheid het gesprek wordt gevoerd. Ondanks dat niemand gelukkig is met de situatie waarin al het onderwijs op afstand wordt aangeboden, is het voor het kwaliteitsdenken van grote waarde dat er goed gekeken wordt naar de kansen voor de tijd ná de crisis. De kracht ligt straks denk ik in de combinatie van online leermiddelen en het onderwijs in de klas. Hierdoor verschuift de norm over het didactisch handelen van docenten. Daarover zal duidelijkheid moeten komen. Het is daarbij vooral belangrijk met elkaar het gesprek te voeren over hoe er de binnen de nieuwe normen gewerkt wordt. Voor welke middelen wordt gekozen, welke vorm van toetsing volstaat en wat zijn passende vormen van afstandsonderwijs?”

Ander punt: hoe ervaar je in deze coronatijd de opstelling van de Inspectie?

“Mijn indruk is dat de Inspectie zich meedenkend opstelt in deze crisis. Hun opstelling is: ‘maak je nu geen zorgen over de cijfertjes als het gaat om de onderwijstijd. De Inspectie geeft aan: ‘het gaat ons om de onderbouwing van wat je doet en kijk goed naar je leerdoelen’.  Ook heeft de Inspectie net bekend gemaakt dat scholen volgend jaar niet beoordeeld worden op hun onderwijsresultaten, zoals het bovenbouwsucces en de onderbouwsnelheid. Dat is een belangrijk gebaar omdat dat scholen meer ruimte geeft om in het belang van de leerling te denken bij de overgang en bij het examen”

Tot slot. Verwacht je dat de coronacrisis voor een kentering gaat zorgen in het denken over onderwijs?

“We hebben er volgens mij van geleerd dat middelbare scholieren ook in staat zijn online en thuis te leren. Dat betekent dat je echt nog flexibeler kunt zijn in je onderwijstijd. Maar het gaat wel om de balans. Zoals het nu is, is het alleen maar vervelend. Want dat hebben we ook geleerd: fysiek onderwijs is ontzettend belangrijk. Door de corona is een discussie op gang gekomen over het stelsel, over achterstanden, over de overgangsnormen in het onderwijs en de functie van het centrale landelijke examen. Voor mij als kwaliteitsadviseur zijn dat heel interessante thema’s die nu door deze coronatijd een ‘schwung’ hebben gekregen. Persoonlijk erger ik me aan het woord ‘achterstandsleerlingen’. Leerlingen hebben vertraging opgelopen. En in zekere zin hebben we in deze coronatijd allemaal vertraging opgelopen. In deze coronatijd is verder nog duidelijker geworden hoe groot de kansenongelijkheid is. Die zal veel hoger op de agenda van de politiek moeten komen. Veel vraagstukken van vóór de coronatijd zoals het lerarentekort en de werkdruk schreeuwen ook om een oplossing. Want het ging al niet goed met het onderwijs en het is nu alleen nog maar moeilijker geworden.”  

Geïnteresseerd?

Neem dan contact op met:

Annemiek Staarman
Adviseur
085-2101580

E-mail Annemiek